Trots

2024 was voor mij een jaar van herstel. In juni 2023 viel ik namelijk uit met een burnout. Toen ik me ziek meldde, verwachtte ik na een weekje vrij wel weer mee te kunnen draaien. Uiteindelijk ging ik begin 2024 weer een paar uur werken per week en werkte ik pas in augustus weer op volle kracht.

Ik las en hoorde de afgelopen maanden veel over burnouts en één ding is duidelijk: elke burnout is anders. Ik lag niet wekenlang in bed met een deken over mijn hoofd, maar dat maakte mijn burnout niet minder echt. Hierbij wat het hebben van een burnout dan wel voor mij betekende.

  • Vuile was zien liggen en het niet voor elkaar krijgen om die een verdieping hoger in de wasmachine te stoppen.
  • Huilbuien in de supermarkt omdat ik geen idee had wat ik mee zou moeten nemen.
  • Die ene nacht dat ik door mijn benen zakte toen ik het raam open ging doen. Ik hoopte stiekem dat dat aangaf dat er tóch iets fysieke mis was, en was daar tegelijkertijd heel bang voor.
  • Het niet aan kunnen als onze zoon bij het eten wat drammerig was.
  • Geen interesse hebben in andere mensen.
  • Vele nachten slapeloos door het huis dwalen.
  • Situaties niet kunnen overzien, ook simpele situaties zoals een keuken en eettafel die opgeruimd moeten worden nadat er gekookt en gegeten is.
  • Bang zijn bekenden tegen te komen.
  • Niet met mensen af willen en kunnen spreken.
  • Opkijken tegen de weekenden omdat dan man en zoon ook thuis waren en dat me zoveel energie kostte.
  • Na opstaan, mijzelf en mijn zoon aankleden, samen ontbijten en zoonlief naar de gastouder brengen, alweer moe genoeg zijn om een uur te gaan slapen – ook na een goede nacht.
  • Niet uitkijken naar dingen en nergens van genieten. Ergens niet tegenop zien was lang het hoogst haalbare – en ook dat haalde ik vaak niet.
  • Die keer dat ik naar de promotie van een vriendin ging en achteraf zo compleet gesloopt was – van een uurtje luisteren en maximaal een uur onder goede vrienden zijn, that is – dat mijn man ons zoontje naar mijn schoonouders bracht omdat ik zijn aanwezigheid niet aan kon.
  • Heel snel huilen, om alles.
  • Een gevoel van druk op mijn hersenen, alsof er zachtjes tegenaan geduwd werd vanuit de binnenkant van mijn schedel.

Dit alles zorgde ervoor dat ik een paar maanden lang bijna niemand zag buiten directe familie en S, B en kleine M. Dat ik heel veel thuis was. Dat ik maandenlang niet werkte.

En toch was het OK. Ik bedoel, het was niet léúk, maar ergens vond ik het ook prima, dat kluizenaarsschap. De rust. Het niets moeten. Ja, de angst dat ik nooit meer ‘gewoon’ mee zou kunnen draaien, haalde me soms onderuit, en zoals gezegd heb ik heel veel gehuild, maar het was wat het was en gek genoeg had ik daar ook vrede mee.

En dat was vóórdat ik wist wat die burnout me allemaal op ging leveren. Therapie, zelfreflectie, gesprekken, boeken lezen en YouTube videos brachten me de afgelopen maanden een schat aan (zelf)kennis. Daardoor kan ik nu meer in mijn lijf zitten en daardoor grenzen beter aanvoelen, meer ruimte pakken voor mezelf, en emoties van mezelf en anderen beter scheiden. Ik word steeds bedrevener in zelf-kritische gedachten als zodanig opmerken en sta daardoor sterker, ik kan emoties langzaamaan meer toelaten en voorkom daarmee dat ik mezelf ‘op slot’ zet, ik voel mezelf creatiever dan ik me in jaren gevoeld heb. Mijn lijf verkeert niet meer in een permanente staat van stress.

Als ik dat zo allemaal opsom, dan kan ik niet anders dan me trots voelen. Trots, ja. Dat voelde ik niet na het voltooien van mijn marathons of mijn PhD, maar nu wel. Misschien omdat ik liefdevoller ben naar mezelf toe. Misschien omdat dit langzamere leven voor mij een grotere uitdaging was dan die marathons. Hoe het ook zij: ik ben trots op wat ik bereikte in 2024 en kijk uit naar een nieuw jaar met nieuwe kansen.



One response to “Trots”

  1. Ha Eline, wat mooi! Zowel dit proces als al die stukjes die ik hier vind. 🙂 voor mij als meelezer komt het ook over alsof je steeds steviger staat.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *