Wringen

Tot een jaar geleden ging ik, als ik alleen met zoonlief naar mijn (schoon)ouders reisde, bijna altijd met de trein. Hij in de kinderwagen, ik te voet. Wandelen, vanuit de trein naar buiten kijken en nog wat wandelen op plaats van bestemming. Prima.

Mijn zoontje zit echter niet meer in de kinderwagen. Op de loopfiets naar de trein en vanaf de trein naar de bestemming is leuk – al zijn de autowegen waar we langslopen niet bepaald inspirerend -, maar duurt ook een stuk langer dan zelf wandelen. Het is onvoorspelbaarder ook, waardoor een trein eens per half uur opeens serieus onhandig wordt.

Daarnaast wil ik bij mijn schoonouders juist graag het bos in met mijn zoon, omdat we dat hier niet hebben. Maar ja, als we al een kleine vier kilometer enkele reis hebben gelopen om van de trein bij mijn schoonouders te komen heeft mijn zoontje geen energie meer over om ook nog door het bos te wandelen.

Bij mijn eigen ouders betekent treinen dat we pas aan het eind van de ochtend aankomen. Op het moment dat het tijd is om te gaan lunchen en zoonlief klaar te maken voor zijn middagslaapje. ‘s Ochtend samen spelen zit er dan dus nog maar amper in.

En ja, het klopt dat ik de auto verder nauwelijks gebruik. De 12 km enkele reis naar werk doe ik nooit met de auto – ook niet als het vriest of hard regent. Boodschappen doen, mijn zoon naar de opvang brengen, het centrum in gaan: dat doen we allemaal altijd te voet of op de fiets.

En toch wringt het dat ik die auto dan wel pak om naar mijn (schoon)ouders te reizen. Nog los van de (klimaat)impact ervan, vind ik het jammer dat ‘met de auto gaan’ normaal is geworden voor mijn zoon. Tegelijkertijd vind ik een band met zijn opa’s en oma’s belangrijk, alsook tijd doorbrengen in de natuur. Een dilemma dus, waar ik nog geen oplossing voor heb gevonden. Voorlopig zal het dus blijven wringen.



One response to “Wringen”

  1. Oh zo herkenbaar dit.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *